Wednesday, 5 August 2020

Apologie van een tuin



Iemand noemed mijn tuin 'een puinhoop'. Volgens die iemand, doe ik niet genoeg om mensen te laten weten wat ik ben met mijn tuin aan het doen. Daroom denken mensen dat mijn biodiverse tuin is een 'puinhoop'. 

Mijn oppottafel
Ook, maak ik mijn potten niet elke keer lekker netjes in een stapel. Dat is ook niet goed, hoor!












Ze heeft natuurlijk gelijk, die iemand. Anders doen moet altijd uitgelegd worden. 
Maar vooral als buitenlander, want mensen kijken naar ons vaak met wat wantrouwen. We zijn pontentieel vies of verkeerd. Als we niet precies passen, dan zijn ze bang dat we gevaarlijk voor hun cultuur of maatschappij zijn. Het is overal zo, zelfs als ik dat moeilijk te accepteren vind, want ik denk nooit aan mezelf als een buitenlander, maar als een gewone inwoner. De verantwoordelijkheid ligt bij ons te bewijzen dat het niet zo is.
Mijn manier van tuinieren heeft niks te doen met mijn land van herkomst, hoor: ik ben gewoon mezelf - mijn oude tante in Italië wou ook mijn tuin een puinhoop noemen, maar een tuin is geen keuken, zeg ik: netjes is voor thuis binnen. En dat is anders, dus moet ik uitleggen. Ze heeft gelijk.

Ik ben nu in Nederland net over anderhalf jaar geweest. Ik vind het moeilijk om complexe concepte uit te leggen. Ze zijn ook complex in het Engels. Maar ik ga proberen hier wat te schrijven over mijn principes. Dan kan ik mensen laten lezen want ik tuinier in dit manier.

MIJN GEBEDSRUIMTE 

Let eens op de vogels. Die maken zich geen zorgen over wat zij moeten eten. Zij hoeven niet te zaaien of te oogsten of te bewaren, want God geeft hun wat zij nodig hebben. U bent voor Hem toch meer waard dan de vogels! - Mattheus 6:26


Als ik dachte erover hoe dit uit te leggen, dachte ik aan de metafoor van religië. Mijn tuin is mijn gebedsruimte. Als ik op mijn tuin ben, ben ik in gesprek met mijn god. Mijn god heeft alles in de tuin gemaakt. Het is mijn rol alles te warderen en beschermen zoals mogelijk: vanwege dat, het minste doe ik, het beste zal de natuur doen. Voor mensen die niet religioos zijn, heb ik daar over de milieu en biodiversiteit. 
Oogst van gisteravond...

Mijn succes is afgemeten aan de meeste planten die blijven tegelijkertijd blij, de meeste levende wezens die bezoeken mijn tuin, dan is god blij met wat ik doe, en ik ga goed oogst krijgen. Op dit moment, mijn puinhoop geeft (naast beestjes en wildebloemen) tomaten, komkommers, muismeloentjes, sla en andijvie met allerlei bladeren en eetbare bloemen, blauwe en wijnbessen, bramen, snijbiet, snijbonen, courgettes, kruiden (zoals munt, citroenmelisse, citroenverbena, thijm, basilicum). Pruimen waren er ook genoeg voor conserveren en zoete maïs is aan het komen.
... en vanavond meer







Ik probeer te genieten van alle planten, van alle wezens. Ik weet dat ze zijn allemaal belangrijk voor wat ze doen, of ik er dat zie of niet. Als ik maak éen dood (bijv. een vervelend muisje in de kas) dat weet ik nog. 


Genoeg met religië. Ik ben eraan nooit te goed geweest. Maar ik ga geen stikstof of bestrijdingsmiddelen gebruiken, noem dat mijn religië, als dat maakt het makkelijker.


ONKRUID OF STREEKVOEDSEL?

Ik wil biodiversiteit mij te helpen.

Er is niet maar bijen! Meerdere wezens bedoelt meer balans, d.w.z. er is een grotere kans da ze eten elkaar en niet mijn oogst. Want wezens eten wel. Ze eten wel de hele tijd, door hun hele leven. Dus moet ik de gehele jaar eten voor allerlei wezens op mijn tuin aanbieden, die niet mijn gewassen is. Anders eten ze mijn eigen planten of, ergst, gaan ze weg en misschien komen ze nooit terug (bijenhotels zijn niet genoeg zonder wat eten dichtbij - mensen wonen toch niet te ver van hun kantoor!).

Ook, anders dan ik, zijn de wezens autochtoon. Daarom heb ik streekvoedsel voor ze nodig. Wij mensen noemen dat *onkruid* - echt gek hoor! 

Malva sylvestris - groot kaasjeskruid
Verbena hastata - blauwe verbena


















Je zie heel veel 'onkruid' op mijn tuin. Die is de reden. Ik zie deze planten niet als onkruid, maar als streekvoedsel.
Ik wil geen last voor anderen tuinders creëren, daarom heb ik een tuin die relatief ver is van de anderen. Ook, ik leer goed van alle planten dat zijn op mijn tuin. Ik heb daarvoor 10 jaar tuinbouw geleerd, en ik leer elke dag wat meer. 

Ik doe het niet altijd recht, niemand doet, toch? Maar ik probeer ernstig. Mijn tuin is niet onbeheerd. Ik begrijp dat dat is niet vanzelfsprekend, maar het is wel zo. 

Ik kijk eerst om planten en beestjes te leren, dan doe ik wat. Als ik opvolg, probeer ik te geloven dat het komt vanzelf, zonder mij, goed. Het is niet makkelijk, hoor! Ik ben ook een control freak. 

Maar je kan niet alles in de natuur onder controle krijgen (was je eens een weekje op vakantie, en kwam terug naar een wilderness in jouw - vroeger zuiver - tuin?!? Hoe frustrerend was dat?). Het komt goed, vanzelf.

BESCHERMEN DE BODEM

Onkruid zijn meer dan maar streekvoedsel voor lopende en vliegende wezens  (een voor mij: sommige vind ik heel lekker, zoals brandnetel en paardebloem). 

Er is een hele fabriek van tuinaarde en meest: het ligt onder onze voeten. Ik leerde dat plantenwortelen zijn niet passief in de bodem. In de verleden, dachten mensen dat planten voor voedsel vechten. Dat is waar, maar - zoals mensen - ze doen ook wat om de bodem een andere planten en wezens te helpen. Ze noemen het de 'wood wide web' want het is meestal onderzoekt in bossen, waar de bodem is altijd beschermd en vaste planten leven. 

In tuinen we verstoren de bodem altijd. Graven is volgens mij het ergst. We hebben klei: dat is de voedselrijkste sort van grond (zand is het voedselarmste). Maar die doe niet goed wanneer de grond is gegraven, omdat wordt hij makkelijk verdicht, dus weiniger water en zuurstof gaan door, wat bedoelt leven is minder mogelijk. Er kunnen daarin mindere biodiverse wezens leven. Kale grond is ook makkelijk doorgespoeld en mest is dan nodig. Onkruid beschermt de bodem.

EEN KRINGLOOP 

Er is op mijn tuin geen afval. Alles wordt terug in omloop gebracht. Wat groeit op mijn tuin neemt voedsel eraf, dus moet hij na dood voedsel naar de boden weergeven. 
Ten eerste, heb ik daarvoor een grote composthoop. 
Dan heb ik een 'wormery', waar ik groente en fruit skil composteer, die vloeimest geeft en compost. 

heuvel van houd, zand en tuinaarde
Daarna, probeer ik houd - van de vele planten die ik ben aan het verwijderen - te gebruiken om hügelkultuur heuvels te maken, om aardbeien en frambozen te groeien. Ik heb dat gezien in Droevendaal boerderij van Wageningen Universiteit, waar ik studeer nu biologische landbouw.

Ten slotte, woekerende onkruid heeft ook een plek in mijn kringloop: ik verdrink wat, om vloeimest te maken (zamen met brandnetel, smeerwortel en paardenstaart: prima stof voor de kas!).  Andere smoor ik in tuinaarde zakken tot ze wel dood zijn, voordat ze ook in de composthoop gaan. 
De ene onkruid die linea recta in de restafval gaat, is Japanse duizendknoop, want er zijn bepaalde maatregelen voor hem.

PLANTEN FIRST, BEEST(JE) SECOND

Als het druk is en ik mijn tijd moet delen, planten komen eerst in mijn to-do lijst. 
Toen ik vorige jaar de tuin kreeg, was mijn eerste gedacht planten te snoeien (ze waren vreselijk gedaan: niet goed voor hun gezondheid en productiviteit) en mijn potplanten in de grond te zetten. Er was wel veel meer te doen, maar... prioriteiten! Ik ga altijd voor de gezondheid van mijn planten eerst zorgen: i.e. het gazon kan wachten, maar ik moet wel wateren.

Het gazon in juni dit jaar
Over het gazon: ik volg de 'geen maaien tot juli' principe want wildebloemen moeten eerst zaden krijgen. Zie je? Ik beheer volgens principes die een reden hebben. 

Zelf met snoeien en borstelen snijden: voor augustus is het broedseizoen, daarom laten staan: vorige jaar was er een merel nest en dit jaar die van een ende (schrok me dood van haar!) in de oevers bij mij.

Snoeien is wel m'n specialiteit, ik heb het in Engeland van deskundigen geleerd, dan zelf lessen gegeven. Als iemand is geïnteresseerd, doe ik het graag hier ook.

Ik geniet ook van plant vermeerderen, en ik ben tevreden mijn extra planten te delen.

Nieuwe planten en methoden probeer ik vaak.





UITEINDELIJK, DIE IS MIJN TUIN!

Ik houd van mijn tuin, ik vind die mooi zo. 

Nederlanders zijn nuchtere mensen, toch? Dan kan ik het zeggen. Ik betaal om een rustige plek te hebben waar ik kan mijn planten groeien, voedsel oogsten en zelf bewegen - die heb ik nodig. Ik geniet van de biodiversiteit en neem heel veel foto's die ik deel op sociale media. Ik ben tevreden mijn keuzen uit te leggen: kom voor een praatje in mijn slecht Nederlands! 

Mijn tuin is toch geen 'show garden'.
Als mensen vinden dat mijn tuin ziet niet mooi uit, even maar ergens anders kijken! Het is een grote plek en mijn tuin is niet makkelijk bereik- en zichtbaar: je moet hem gaan zoeken!
Dit is een vrij land; we zijn er wel trots op...  Ik zie ook tuinen die laat me huilen, maar we doen het allemaal anders. Je bent vrij om te denken dat mijn tuin is een puinhoop: hij is wel mijn geliefde, productive en biodiverse puinhoop. 

Ik doe geen kwaad: ik vervuil niet, ik doe niks ongezond of gevaarlijk. Ik ga mijn best te doen om anders geen last te geven, maak me veel zorgen om alle maatregelen goed aan te houden. Ik ben beleefd en respecteer hoe andere mensen doen, luister (dit post is proef ervan!) en leer - ik wil andere mensen mij ook te respecteren. 

Foeniculum vulgare - Venkel
Cosmos sulphureus

Bloesemende amarant/andijvie
Nasturtium

Dat is niet te zeggen dat er nog wel veel werk is te doen. 

De vorige eigenaren hebben veel interessante planten gekozen, die vind ik leuk. Maar er zijn planten die waren (meestal) in de jaren 70 populair, voor ze waren gevonden woekerend te zijn, zoals Japanse duizendknoop (Polygonum cuspidatum), maar ook afghaanse duizendknoop (Polygonum polystachium), dwerg bamboe (Pleioblastus sp) en mourasanemoon (Houttuynia cordata). Ik houd ze in det gaten en ga over de tijd wat te doen: ik heb wel meer ruimte nodig om mijn appelboom collectie en allerlei bessen te planten! Ze zijn nu in potten en hebben heel veel water en mest nodig.

Behalve voor Japanse duizendknoop. Deze zijn we sinds volgende jaar, toen die ontdeckt werd, druk bezig om dringend en voorzichtig te verwijderen.

TE VEEL WERK?

Is it te veel werk? word ik gevraagd. Het is een grote stuk land.

Ik had dezelfde groot volkstuinen in Engeland. Volkstuin*en*, want ze waren drie stukje land in twee tuincomplexen. Ik begon in 2007 met 250sqm ("ten poles" genoemd), dan kreeg meer, en nog meer.
Mijn eerste tuin toen ik kreeg hem...
... en mijn tweede op dezelfde complex
Voor mijn, tuinieren is geen rustig zitten in een tuin. Als er niks te doen was, zou ik niet geïnteresseerd zijn. Voor mij is de lol precies in het werken. Grote projecten in de tuin vind ik stimulerend, anders had ik deze bepaalde stuk Breeveld nooit gekozen! Niemand anders wilde hem, werd ik gezegd.

Maar het word wel andersom met druk... ik kan niet tuinieren onder druk, want er is geen plezier ermee.
Dus heb ik geen haast om mijn tuin 'klaar' te zien. Ik ben van plan om wat te doen, en ik geniet van de verandering over de tijd, en de nieuwe projecten, die worden inmiddels gevormd in mijn hoofd.